Op zaterdagavond 16 november 2019, 20.15 uur speelt het NaKo o.l.v. Jeppe Moulijn in het Muziekcentrum van de Omroep de 1e Serenade van Brahms. Een kort concert zonder pauze. Na afloop tijd om na te kletsen over het concert en andere zaken onder het genot van een drankje aan de bar van het MCO.

‘Aimez-vous Brahms?’ refereert aan de roman van Francoise Sagan, waarin een jongeman probeert de liefde te winnen van een getrouwde vrouw door haar mee te nemen naar een concert van Brahms. En ja, ze is zo verguld door de muziek dat ze zich vanaf dat moment door hem laat beminnen. De roman is later een paar keer verfilmd. Wie weet wat ons concert nog teweeg gaat brengen!

Van oorsprong is de serenade een soort muzikale groet aan een geliefd persoon, meestal uitgevoerd op een stille en aangename avond in de buitenlucht. In de 18de eeuw groeide de serenade uit tot een instrumentale suite, die bij voorkeur ‘s avonds om 9 uur werd uitgevoerd (niet te verwarren met de ‘notturno’, die bij voorkeur om 11 uur werd uitgevoerd). Het serene karakter van de serenade bleef in latere tijden haar aantrekkingskracht behouden, ook toen het spelen van dit soort muziek in de buitenlucht al lang in onbruik was geraakt. De serenades van Brahms, Dvorak of Tsjaikovski zorgden dan ook voor een aangename luwte in de concertzaal, waar het anders geducht kon spoken dankzij het vele symfonische geweld van de 19de eeuw.

De beide “Serenades” van Brahms uit 1857-1859 zijn dan ook aanzienlijk lichter van karakter dan het sombere “Eerste pianoconcert”, dat in dezelfde tijd ontstond. Men heeft dan ook wel opgemerkt dat deze minder pretentieuze muziek moet worden beschouwd als een soort vingeroefening tussendoor, waarin Brahms niet zijn ware zelf laat zien. Toch schieten we niet veel op met dit soort romantische vooroordelen, want de muziek waar het hier omgaat is onmiskenbaar die van Brahms, ook al is dat dan een andere Brahms dan die van het “Eerste pianoconcert”. De “Eerste serenade” ontstond oorspronkelijk als nonet. Later volgde een bewerking voor klein orkest, en pas na vele omwerkingen ontstond de bekende versie voor symfonieorkest.

De vorm van het werk zou met enige fantasie de Nulde van Brahms genoemd kunnen worden: de Eerste Serenade. De werktitel die de componist er in zijn correspondentie met Joseph Joachim aan gaf was Symfonie-Serenade. Vanwege de opbouw in zes delen, met twee Scherzo’s en een Menuet is het uiteindelijk een Serenade geworden. Gezien de enorme koudwatervrees die Brahms beving bij de gedachte aan een symfonie een begrijpelijke gang van zaken.

Betreurenswaardig is echter dat de titel kennelijk dirigenten en programmeurs ervan weerhoudt om het werk de kansen te geven die het verdient. Wanneer Brahms zich beperkt zou hebben tot vier delen en het een symfonie zou hebben durven noemen zou het naar alle waarschijnlijkheid vele malen vaker op concertprogramma’s prijken en zijn opgenomen.