“Ik deed de deur op slot en niemand kwam er meer uit”

– Hans de Boissière, voormalig dirigent Naardens Kamerorkest, over het vrijwillig in retraite gaan.

Het Naardens Kamerorkest neemt al meer dan 50 jaar een prominente plaats in binnen de cultuurwereld van het Gooi. Deze bijdrage is afkomstig uit het jubileumboek “Naardens Kamerorkest – 50 jaar in beeld”, uitgebracht in 2015 ter gelegenheid van het 50 jarig bestaan van het orkest.

De eerste locatie voor het Naardens Kamerorkest om ‘vrijwillig in retraite te gaan’ was het Baarnse landgoed Buitenzorg. Eigendom van het Nederlands Padvindersgenootschap! Het regime was enigszins Spartaans: slaapzalen, zelf brood meenemen en ‘hard slijpen aan de muzikale stof’. Dat laatste onder Hans Thomasz Bossière uiteraard.

Recentere locaties kregen steeds meer comfort, en lagen ook flink verder weg van de thuisbasis Naarden. In Schoorl repeteerden we van 2003 t/m 2006 in het doopsgezinde broederschapshuis, bekend als Dopersduin. Het is een mooie locatie, dicht bij het strand van Camperduin dat steevast het doel was van de traditionele strandwandeling op zaterdagmiddag. De dapperen onder ons gingen nog een streepje verder op zondagmorgen: zwemmen in de Noordzee….

We hadden veel vrijheid in Schoorl. Onder andere mochten we zelf gebakken taarten en andere versnaperingen meenemen, en opeten natuurlijk. 

Maar steeds zwaarder gingen de nadelen wegen. Het was er enigszins klam, en het eten… Het diner zelf ging er nog wel mee door, maar het was het afwassen dat altijd enigszins voor onrust, nee tweespalt zorgde. Want parallel aan de afwas begon ook de avondrepetitie, en daar moesten toch eigenlijk wel alle blazers bij aanwezig zijn, op last van de dirigent.

Op naar Mennorode in Elspeet, dus. Alles klopte daar eigenlijk wel. Warme bedjes, biologisch eten, niet zelf afwassen, zelf meenemen van versnaperingen toegestaan (na enig onderhandelen), gelegenheid tot wandelen in het bos, en een repetitieruimte met een aardige akoestiek. 

Auteur: Fred Willems